Performances

  • Concert in Amuz

  • Konzert Beethoven-Haus Bonn

  • Suites de J.S.Bach - Anvers, concerts de midi

  • Concerts de Midi de la KBR

  • Concerts de midi Anvers

  • Octobre musical de Carthage 2000

  • Meisterliches aus Belgien

cd's

  • French Sonatas For Cello And Piano

  • Viviane Spanoghe [French Sonatas For Cello And Piano]

  • French Sonatas for Cello & Piano

  • Oustvolskaja-Schnittke

  • Galina Oustvolskaïa 1919-2006

  • Oustvolskaïa-Schnittke. Works for cello & piano

  • Alfred Schnittke 1934-1998

  • Alfred Schnittke 1934-1998

  • Schnittke: Cellosonates nr. 1 & 2

  • Alfred Schnittke: Cellosonaten Nr.1 & 2

  • Alfred Schnittke, Sonates

  • Alfred Schnittke (1934-1998): rustpunt van muzikale diversiteit

  • Enescu: Cellosonates op. 26 nr.1-2

  • J. Brahms, Concerti

  • Lalo Celloconcerto Talent DOM381011

  • SHOSTAKOVICH Cello Sonatas/concertos Talent DOM381012[NB]

  • BACH cello suites SOLAL, Sol002

  • CD Telemann Et´cetera KTC 1281

  • Armenian Piano Trios Et´cetera KTC 1262 : Chilingirian, De Groote, Spanoghe

  • Vlaams voor cello - Contemporary Flemish music for cello (NAXOS 8.557254)

  • George Enescu, cellosonates, TALENT 291079

  • Crescendo, n°60, 2002 (Sonates d´Enesco)

  • Charles Camilleri, 6 Arabesques for cello solo, Talent DOM n°2910 64

  • Godfried Devreese, celloconcertino, Marco Polo 8.22368

Concert in Amuz

Intens en inspirerend. Dat zijn de twee woorden waarmee het middagconcert van vorige vrijdag in Amuz best kan omschreven worden. Celliste Viviane Spanoghe vulde de zaal met een gloed van passie en rust tegelijk. Ze werd daarbij begeleid door pianist Jan Michiels. Veerle Deknopper, www.klassiek-centraal.be, 8-10-2017

Konzert Beethoven-Haus Bonn

...Subtil und ausdrucksvoll...Uppige Klanglichkeit herrschte dann in der d-Moll-Cellosonate op.109 von G.Fauré und nicht zuletzt in der eingängigen, mit Pathos wahrlich nicht geizenden g-Moll-Sonate op.19 von S.Rachmaninow. Viel Beifall. Barbara Kaempfert-Weitbrecht, General-Anzeiger Bonn 18-05-2004

Suites de J.S.Bach - Anvers, concerts de midi

Sa sensibilité féminine procure à certains mouvements une adresse tout en souplesse, en détails transparents, en séduction de motifs, là où d´autres cherchent à s´imposer. Elle domine remarquablement ses pages avec une exceptionnelle mémoire, une beauté du son et une musicalité raffinée, qui ont fort impressionné l´auditoire. Un des grands récitals de la saison en cours. Olivier, La semaine d´Anvers 28-03-2002

Concerts de Midi de la KBR

Découverte à la KBR: Entre Viviane Spanoghe et André De Groote, trente ans de complicité musicale... M.Dumont, 20/12/2010

full article

Concerts de midi Anvers

..Viviane Spanoghe, toujours égale à elle-même, c´est-à-dire musicienne d´élite, à la sonorité enveloppante et chaleureuse. Olivier, La semaine d´Anvers 18-10-2002

Octobre musical de Carthage 2000

La violoncellista Viviane Spanoghe : ...La suite n°6 in re mag. di J.S. Bach provocava subito dopo uno choc che rimarrà memorabile. Raramente ho sentito una simile comunione tra solista e pubblico, il quale, come ipnotizzato dalle mani e dal volto ospirato dell´artista, ascoltava silenzioso e concentrato... Raramente anche ho sentito una simile padronanza dello strumente e della propria arte, raramento ho sentito una tale emozione... Daniele Passalacqua, Corriere di Tunisi 16-11-2000

Meisterliches aus Belgien

Die Cellistin Viviane Spanoghe begeisterte durch ihr völlig gelöstes, klangvolles Spiel...brillante Virtuosität... Yvonne Peruché - Beethoven Haus Bonn June 1996

French Sonatas For Cello And Piano

French Sonatas For Cello And Piano.
Huré, Chausson, Barbillion, d’Indy, Ropartz; Viviane Spanoghe, Jan Michiels (2020); Etcetera
Musik *****
Klang *****

...Die vorliegende Aufnahme war offensichtlich eine Herzensangelegenheit für Viviane Spanoghe, die langjährige Cello-dozentin am traditionsreichen Brüsseler Konservatorium. In einem umfangreichen Aufsatz stellt sie die fünf darin vertretenen Komponisten vor und erläutert ihre Beziehungen zueinander und zu den wichtigsten französischen und belgischen Interpreten ihrer Zeit. Als deren Nachfolger sind Spanoghe und Jan Michiels ideale Botschafter dieses Repertoires, das sie mit sprichwörtlicher gallischer Eleganz vortragen. Der Celloklang wirkt nie überladen, das Vibrato wird stets dezent eingesetzt, und das Zusammenspiel mit dem Pianisten zeugt von absoluter Einigkeit in der musikalischen Aussage. Carlos Maria Solare, Fono Forum, 12-2021

Die beiden bekannteren Komponisten steuern jeweils nur ein kurzes Stück bei: Sowohl das “Lied” von Vincent d’Indy als auch “Pièce von Ernest Chausson – beide noch im 19. Jahrhundert entstanden – stellen eine seltsame Verbindung von eingängiger Melodik und “Tristan”-Harmonik dar. Die Erste Cellosonate von Jean Huré entstand 1903; si eist in einem einzigen, mehrteiligen Satz gehalten und basiert auf einer kleinen melodische Zelle, aus der die drei kontrastierenden Motive des Werkes gewonnen werden. Auch die 1930 geschriebene “Sonate Synthétique” von Jeanne Barbillion, einer Schülerin d’Indys, ist einsätzig; neben einigen raffinierten rhythmischen Spielereien stellt sie die ausgeprägte lyrische Ader der Komponistin unter Beweis. Die gegen Ende des Ersten Weltkrieges geschriebene Zweite Cellosonate von Joseph-Guy Ropartz steht durch ihre zyklische Anlage formell in der Nachfolge César Francks. Sie bringt diesen gut durchdachten, wunderbar ausgeführten Querschnitt durch die Cello-Literatur der Belle Epoque zu einem triumphalen Abschluss.

French Sonatas For Cello And Piano

VIVIANE SPANOGHE

VIOLONCELLE

VVVVV HURE: Sonate pour violoncelle et piano en fa dièse mineur. CHAUSSON: Pièce op. 39. BARBILLION: Sonate synthétique en un mouvement. D’INDY: Lied op. 19. ROPARTZ: Sonate pour violoncelle et piano n° 2.

Jan Michiels (piano).

Etcetera. 2020. TT: 1h 06’.

stemvork-rating stemvork-rating stemvork-rating stemvork-rating stemvork-rating
Technique: 3/5

Le tout est défendu avec passion par deux excellents instrumentistes belges … leur engagement et leur musicalité profonde méritent un coup de chapeau. Jean-Claude Hulot, Diapason, Janvier 2022

French Sonatas For Cello And Piano

French Sonatas for Cello & Piano

Huré: Cellosonate nr. 1 in fis
Chausson: Pièce in C, op. 39
Barbillion: Sonate Synthétique
D'Indy: Lied in Bes, op. 19
Ropartz: Cellosonate nr. 2 in a

Viviane Spanoghe (cello), Jan Michiels (piano)
Et'cetera KTC 1702 • 67' •
Opname: najaar 2020, Concertzaal Koninklijk Conservatorium, Brussel

...De cd opent ijzersterk met de Eerste cellosonate van Jean Huré, een eendelig werk van krap twintig minuten. (...). Ropartz (1864-1955) heeft een groot oeuvre nagelaten dat vandaag de dag grotendeels vergeten is. Dat Spanoghe diens Tweede Cellosonate al haar halve leven met zich meedraagt blijkt zonneklaar uit de superieure interpretatie. De cd wordt aangevuld met twee korte werken van de ‘Franckistes' Ernest Chausson en Vincent D'Indy. De opname werd gerealiseerd met steun van het Brusselse Koninklijk Conservatorium, dat zich gelukkig mag prijzen met twee docenten die zich onvermoeibaar blijven inzetten voor verwaarloosd repertoire. Hulde! Siebe Riedstra, Opus Klassiek, september 2021

Viviane Spanoghe bespeelt op deze cd niet alleen de cello, ze is ook verantwoordelijk voor de productie en schreef de toelichtende tekst. Het loont de moeite om haar verantwoording hier te citeren:

‘Bij het samenstellen van deze cd en tekst, putte ik heel wat informatie uit het voortreffelijk boek van cellist Stephan Sensbach, French Cello Sonatas 1871-1939 (The Lilliput Press, Dublin, 2001). Vele jaren geleden speelde ik samen met pianist André de Groote de beide sonates van Ropartz en namen we de sonate van Vierne op, maar de werken van Barbillion en Huré zouden wellicht onopgemerkt zijn gebleven zonder Sensbachs rijkgevuld boek.'

Viviane Spanoghe mogen we gerust de Belgische ‘grande dame' van de cello noemen. Ze studeerde in 1979 af aan de Indiana University in Bloomington bij János Starker en werd daarna zelf hoofddocent aan het Koninklijk Conservatorium te Brussel. Met haar pianospelende echtgenoot André de Groote (die in 2020 zijn tachtigste verjaardag vierde) vormde ze decennialang een gerenommeerd duo. De Groote was eveneens hoofdvakdocent aan het Brussels Conservatorium, en samen zorgde het duo voor een respectabel aantal opnamen, in 2011 afgesloten met een registratie van de Cellosonates van Brahms. Sinds 2018 vormt Spanoghe een duo met collega-docent Jan Michiels. In dat jaar bracht het duo een cd uit met de beide cellosonates van Alfred Schnittke, een jaar later gevolgd door een cd met werken van Oestvolskaja, die ik hier beide heb besproken. Prachtige uitgaven, niet alleen in muzikale zin maar ook door haar eigen informatieve en boeiende toelichting.

De cd opent ijzersterk met de Eerste cellosonate van Jean Huré, een eendelig werk van krap twintig minuten. Huré (1877-1930) koos bewust niet voor een conservatoriumopleiding en was werkzaam als organist aan een aantal Parijse kerken. Orgelwerken heeft hij nauwelijks nagelaten, maar in de kamermuziek lag zijn sterkte, met als uitschieters een pianokwintet, een vioolsonate, en – getuige deze uitgave – een pracht van een cellosonate (hij schreef er vier). De Eerste cellosonate uit 1903 werd opgedragen aan Pablo Casals en is stilistisch gebonden aan zowel Franck als Debussy. Het Franckiaanse element bestaat uit een kiemcel van vier noten, a-b-cis-b, de invloed van Debussy manifesteert zich in de zwevende harmonische opbouw. Spanoghe besluit haar opmerkingen over het werk met de aanbeveling ‘Een sublieme aanwinst voor het cellorepertoire'. Hoewel de toelichting er geen werk van maakt hebben we hier te maken met een discografisch nieuwtje, want zowel in de webwinkels als op YouTube heb ik geen alternatieve opname kunnen vinden.

De Sonate Synthétique van Jeanne Barbillion (1895-1992) wordt zeer terecht wel geafficheerd als een discografische première. Barbillion was een leerling van Vincent D'Indy en componeerde deze sonate in 1930. De toevoeging Synthétique zou kunnen verwijzen naar de eendelige structuur van het werk, waarin de elementen van de traditionele sonate vrij door elkaar gehusseld worden, in de vorm van een palindroom: animé-scherzando-lent-scherzando-animé. Ook hier is de invloed van Franck door de thematische samenhang merkbaar. Opvallend is de neiging van Barbillion om de piano en de cello over langere periodes unisono te laten optrekken. De evocatieve slotmaten zorgen voor een verstild slot dat nog lang natrilt.

De Tweede cellosonate van Joseph-Guy Ropartz werd al in de inleidende tekst aangehaald. Ropartz (1864-1955) heeft een groot oeuvre nagelaten dat vandaag de dag grotendeels vergeten is. Ook Ropartz was een fervente aanhanger van César Franck, wat in de Tweede cellosonate uit 1919 duidelijk wordt in de toepassing van het cyclische principe – een kenmerkend motief dat in vele gedaanten terugkeert. In haar toelichting merkt Spanoghe fijntjes op dat het tweede thema van het eerste deel haar doet denken aan Tea for Two… Dat Spanoghe deze sonate al haar halve leven met zich meedraagt blijkt zonneklaar uit de superieure interpretatie.

De cd wordt aangevuld met twee korte werken van de ‘Franckistes' Ernest Chausson en Vincent D'Indy. De opname werd gerealiseerd met steun van het Brusselse Koninklijk Conservatorium, dat zich gelukkig mag prijzen met twee docenten die zich onvermoeibaar blijven inzetten voor verwaarloosd repertoire. Hulde!

Oustvolskaja-Schnittke

Oestvolskaja: Grand Duet (voor cello en piano) - Pianosonate nr. 5

Schnittke: Epiloog uit Peer Gynt (voor cello, piano en geluidsband)

Viviane Spanoghe (cello), Jan Michiels (piano)
Et'cetera KTC 1666 • 64' •
Opname: voorjaar 2019, Concertzaal Koninklijk Conservatorium, Brussel

Viviane Spanoghe mogen we gerust de Belgische 'grande dame' van de cello noemen... Ook voor deze uitgave zorgde Spanoghe voor een informatieve en boeiende toelichting. Sinds de pioniersarbeid van Reinbert de Leeuw is de aandacht voor Goebaidoelina exponentieel toegenomen, en Alfred Schnittke heeft het nooit aan belangstelling ontbroken. Maar dat wil nog lang niet zeggen dat deze werken tot het 'grote repertoire' behoren. Dit is een schitterend vervolg op de Schnittke cd uit 2018, en een onverschrokken pleidooi voor muziek die er toe doet. Siebe Riedstra, Opus Klassiek, augustus 2020

Viviane Spanoghe mogen we gerust de Belgische 'grande dame' van de cello noemen. Ze studeerde in 1979 af aan de Indiana University in Bloomington bij János Starker en werd daarna zelf hoofddocent aan het Koninklijk Conservatorium te Brussel. Met haar pianospelende echtgenoot André de Groote (die dit jaar zijn tachtigste verjaardag viert) vormde ze decennialang een gerenommeerd duo. De Groote was eveneens hoofdvakdocent aan het Brussels Conservatorium, en samen zorgde het duo voor een respectabel aantal opnamen, in 2011 afgesloten met een registratie van de Cellosonates van Brahms. Sinds 2018 vormt Spanoghe een duo met Jan Michiels. In dat jaar bracht het duo een cd uit met de beide cellosonates van Alfred Schnittke, die ik hier heb besproken. Niet alleen in muzikale zin een prachtige uitgave, maar ook door de haar eigen informatieve en boeiende toelichting.

Die cd krijgt nu een opvolger die in zijn repertoirekeuze naadloos aansluit op de vorige. Behalve twee cellosonates bewerkte Schnittke in 1993 de slotscene uit zijn ballet Peer Gynt voor cello en piano. Het ballet werd in 1986/7 geschreven voor het Hamburgse balletgezelschap van choreograaf John Neumeier. In de theateruitvoering wordt in die Epiloog gebruik gemaakt van een bandopname van een a cappella koor, dat een stukje van vijf maten eindeloos herhaalt tegen het orkestapparaat, waarin thema's te horen zijn die in de voorafgaande anderhalf uur een belangrijke rol hebben gespeeld. In de versie voor cello en piano wordt diezelfde bandopname gebruikt. In sommige commentaren is opgemerkt dat door het ontbreken van het voorafgaande materiaal deze Epiloog als zelfstandig werk eigenlijk niet gerechtvaardigd is. Al luisterend moeten we vaststellen dat de klankwereld van het orkest en die van de beide soloinstrumenten zover uit elkaar liggen dat er bijna sprake is van een nieuw werk. In de woorden van Viviane Spanoghe: 'De cello fluistert, schreeuwt, vecht en houdt vol in een bijna dertig minuten durende muzikale monoloog, geschaduwd door een karige maar essentiële pianopartij.'

Galina Oestvolskaja (1919-2006) was een even boeiende als enigmatische persoonlijkheid. Als (aantrekkelijke) jonge vrouw studeerde ze compositie bij Dmitri Sjostakovitsj; Dmitri was van haar talent en haar schoonheid diep onder de indruk. Op de een of andere manier is er iets misgegaan tussen die twee, want Galina heeft tot aan haar dood niet meer over Dmitri willen spreken. Als componiste ontwikkelde zij haar geheel eigen klanktaal, waarmee ze zich opsloot in haar eigen universum. Reinbert de Leeuw stelde haar in 1994 aan de muziekwereld voor, en Cherry Duins maakte een documentaire waarin ze als een kluizenaar wordt afgeschilderd. Wonderlijk genoeg maakte Josée Voormans een poosje later een gefilmd portret (zie YouTube) waarin de componiste met veel animo over zichzelf en haar werk vertelt.

Spanoghe en Michiels presenteren twee karakteristieke werken uit het universum van Oestvolskaja, het Grand Duet voor cello en piano uit 1959 en de Vijfde Pianosonate uit 1986. Typerend voor het Grand Duet is de vervreemdende opstelling (die op de cd uiteraard verborgen blijft): de piano staat indien mogelijk achter het podium van de celliste en er moet absoluut een bepaalde afstand tussen de beide uitvoerenden gehouden worden. De Vijfde Pianosonate - een bloedbad op de toetsen - is een werk dat, eenmaal gehoord, nooit meer vergeten zal worden: het begint met een obsessieve herhaling van de noot DES (toch een verwijzing naar Dimitri Sjostakovitsj?).

Ook voor deze uitgave zorgde Spanoghe voor een informatieve en boeiende toelichting. Sinds de pioniersarbeid van Reinbert de Leeuw is de aandacht voor Goebaidoelina exponentieel toegenomen, en Alfred Schnittke heeft het nooit aan belangstelling ontbroken. Maar dat wil nog lang niet zeggen dat deze werken tot het 'grote repertoire' behoren. Dit is een schitterend vervolg op de Schittke cd uit 2018, en een onverschrokken pleidooi voor muziek die er toe doet.

Opus Klassiek - www.opusklassiek.nl

Galina Oustvolskaïa 1919-2006

Grand Duo.

Sonate pour piano no 5. SCHNITTKE : Epilogue du ballet Peer Gynt.
Viviane Spanoghe (violoncelle),
Jan Michiels (piano).

Etcetera. Ø 2019. TT : 1 h 04’.

stemvork-rating stemvork-rating stemvork-rating stemvork-rating
TECHNIQUE : 2,5/5

...Viviane Spanoghe et Jan Michiels en livrent une lecture puissante, fouillée dans le détail, excluant le moindre lyrisme (conformément à la partition). Ils savent aussi respirer dans les rarissimes moments de détente et projeter sur les quelques soliloques du violoncelle, empreints de désolation, une étrange lueur, moins agressive. Patrick Szersnovicz, Le Diapason, mai 2020

Violemment anticonformistes, rugueux, les cinq volets du Grand Duo pour violoncelle et piano (1959) sont quasi obsessionnels dans leurs répétitions de cellules rythmiques, d’intervalles, de motifs elliptiques et de blocs sonores dissonants, heurtés et dispersés. Viviane Spanoghe et Jan Michiels en livrent une lecture puissante, fouillée dans le détail, excluant le moindre lyrisme (conformément à la partition). Ils savent aussi respirer dans les rarissimes moments de détente et projeter sur les quelques soliloques du violoncelle, empreints de désolation, une étrange lueur, moins agressive.

La Sonate pour piano no 5 (1986), articulée en dix courts mouvements enchaînés, exige elle aussi une force physique et une endurance particulières… face auxquelles Jan Michiels ne faiblit pas. Fréquemment engoncée dans une architecture rythmique immuable, cette musique ponctuée de césures inquiètes, de ruptures assourdissantes ne renonce presque jamais à un dépouillement radical. Soumis à un extrême fractionnement, le discours génère une atmosphère étonnamment mobile, peut-être moins intrigante que celle du Grand Duo.

Oustvolskaïa-Schnittke. Works for cello & piano

OESTVOLSKAJA, SCHNITTKE

Works for Cello & Piano

Viviane Spanoghe (cello), Jan Michiels (piano)

Et’cetera Records KTC 1666 • DDD-64’

WAARDERING: 9

...Intens spel dat de uitersten durft op te zoeken en er niet voor schuwt door de grens van het alleen maar schone en welluidende heen te breken. Precies waar deze muziek om vraagt. Hamerende toonherhalingen als wanhopige hartenkreten, ijle tonen, intense stiltes. Verontrustend, én ontroerend als bijvoorbeeld na alle wanhoop en geweld die eenzame melodie inzet in het laatste deel van het Grand duet... Machiel Swillens, Luister, mei 2020

Op deze door haar zelfgeproduceerde cd brengt celliste Viviane Spanoghe samen met pianist Jan Michiels werken bijeen van twee hoogst individuele componisten uit Sovjet-Rusland. Galina Oestvolskaja en Alfred Schnittke gingen in hun muziek elk radicaal hun eigen weg. Vaak tegen de gevestigde orde in, maar beiden gedragen en gesteund door musici met een grote waardering voor hun werk, bleven zij trouw aan zichzelf en volgden hun muzikale overtuiging. Oestvolskaja met een spirituele, intense en hermetisch gesloten klankwereld, diep persoonlijk maar juist daarom zo aangrijpend. Schnittke caleidoscopische verbindingen leggend tussen ver uiteenliggende stijlen en tijdperken, modern en archaïsch tegelijk. Uit deze cd spreekt eenzelfde drive van de musici. Intens spel dat de uitersten durft op te zoeken en er niet voor schuwt door de grens van het alleen maar schone en welluidende heen te breken. Precies waar deze muziek om vraagt. Hamerende toonherhalingen als wanhopige hartenkreten, ijle tonen, intense stiltes. Verontrustend, én ontroerend als bijvoorbeeld na alle wanhoop en geweld die eenzame melodie inzet in het laatste deel van het Grand duet, of wanneer je in Epilogue van Schnittke het altijd aanwezige en eerder opgenomen a cappella koor gewaarwordt, Schnittkes schaduwklanken op tape. Geen gemakkelijke cd, maar wel belangrijk.

Alfred Schnittke 1934-1998

Alfred SCHNITTKE (1934-1998)
Sonata No. 1 for Cello and Piano (1978) [18:59]
Klingende Buchstaben (1988) [3:59]
Madrigal in memoriam Oleg Kagen (1990) [9:22]
Improvisation for Cello Solo (1993) [9:02]
Sonata No. 2 for Cello and Piano (1994) [17:07]

Viviane Spanoghe (cello)
Jan Michiels (piano)

rec. Concert Hall, The Royal Conservatorium, Brussels, 2017
ETCETERA KTC1626 [59:15]

..This is overall a very fine and worthwhile performance, (...). The inclusion of the three works for solo cello make this a most valuable release, and one which even devotees of the Ivashkin performance will enjoy. Spanoghe has written the insightful booklet notes, whilst the recorded sound is very good indeed, with the reverberation of the piano being left to fade naturally. Stuart Sillitoe - MusicWeb International - February 2019

When looking through my collection when preparing for this review I was surprised at how few recordings of Schnittke’s music I actually had, especially when he was regarded by many as the natural successor to Shostakovich. Born in the city of Engels, at that time the capital city of the autonomous Volga Republic in the Soviet Union, Alfred Schnittke could always divide opinion, loved by many, he was also vilified by those who saw his music as being too internationalist and turning away from the Soviet ideal. His music was influenced by Gustav Mahler and Alban Berg as well as by his teacher, Dmitri Shostakovich; he developed a polystylistic technique which, as his health deteriorated in later life, he abandoned for a bleaker and more austere style.

After saying that I do not have many discs of Schnittke, one that I do have is the recording of the cello concertos and sonatas on Chandos CHAN 241-39 in which Alexander Ivashkin gives a wonderful performance. A set of great integrity his performance of the First Sonata is over two minutes slower than this new recording and manages to keep the intensity of the music more than Viviane Spanoghe, who whilst she offers a very fine recording, just lacks that edge that you get from Ivashkin, especially in the two Largo sections.

Where Viviane Spanoghe differs is in the three pieces for solo cello, including the Klingende Buchstabenwhich was a birthday present for Alexander Ivashkin, giving a beautiful performance of this difficult music. These three pieces are all new to me but in this performance, they have soon become firm favourites, especially the ‘Madrigal in memoriam Oleg Kagen’. Here Spanoghe is able to rachet up the intensity of this slow evocation, whilst keeping the listener hooked.

The Sonata No. 2 was one of the composer’s final works and was published only the year before his death. This work best represents Schnittke’s bleaker and more austere later period. With its economy of style and its almost whimsical asides, the tone is quite different to the Sonata No. 1. The music is marked by heartfelt cello solos and some sparse piano writing; here there is little to choose between Spanoghe and Ivashkin, both offer quite intense performances with maybe Ivashkin’s performance slightly coming out on top in the faster jazzy sections.

This is overall a very fine and worthwhile performance, one which, if it doesn’t quite meet the perfection of the Chandos recording, is not far behind. However, the inclusion of the three works for solo cello make this a most valuable release, and one which even devotees of the Ivashkin performance will enjoy. Spanoghe has written the insightful booklet notes, whilst the recorded sound is very good indeed, with the reverberation of the piano being left to fade naturally.

http://www.musicweb-international.com/classrev/2019/Feb/Schnittke_cello_KTC1626.htm

Alfred Schnittke 1934-1998

Les deux sonates pour violoncelle et piano. Klingende Buchstaben. Improvisation pour violoncelle seul. Madrigal in memoriam Oleg Kagan.

Viviane Spanoghe (violoncelle)
Jan Michiels (piano).

... Remarquablement soutenue par Jan Michiels, Viviane Spanoghe défend avec énergie ces deux substantielles sonates...

... Les trois pièces pour violoncelle seul insérées au centre du programme sont d'une autre nature. Viviane Spanoghe s'y montre particulièrement inspirée... Patrick Szersnovicz - Diapason février 2019

Si la production orchestrale d'Alfred Schnittke, extrêmement hétérogène sur le plan stylistique, a parfois mal vieilli, tel n'est pas le cas de sa musique chorale, qui a gardé intact son potentiel d'influence. Celui de sa musique de chambre est plus complexe. Dédiée à Natalia Gutman, la Sonate pour violoncelle et piano n°1 (1978) est marquée par l'obsession de Schnittke pour les petites unités d'expression musicale, et par son aspiration à une manière d'hyperbole. Deux figures basiques de la musique tonale (la tierce majeure/mineure et la cadence parfaite) y sont comme sublimées, le compositeur explorant sans cesse leurs oscillations, tandis que l'intervalle de septième diminuée, gonflé à l'excès, devient sinistre et absurde.

La Sonate n°2 (1997) fut dédiée à Mstislav Rostropovich. Cinq brefs mouvements font alterner de déchirants monologues du violoncelle et un discours plus compact et envahissant des deux protagonistes, où le piano, comme dans la sonate de Debussy, garde un rôle de ponctuation que de véritable interlocuteur. Remarquablement soutenue par Jan Michiels, Viviane Spanoghe défend avec énergie ces deux substantielles sonates, qui supporteraient cependant lectures un peu plus subtiles.

Les trois pièces pour violoncelle seul insérées au centre du programme sont d'une autre nature. L'amusante pochade Klingende Buchstaben (1988) et l'Improvisation virtuose dédiée à Rostropovich (1994) s'effacent derrière les neuf minutes de Madrigal in memoriam Oleg Kagan (1991): ici, Schnittke nous fascine par une expression tour à tour intime et fougueuse, étourdissante en surface mais manifestement inquiète et nostalgique en profondeur. Viviane Spanoghe s'y montre particulièrement inspirée.

Schnittke: Cellosonates nr. 1 & 2

Schnittke: Cellosonates nr. 1 & 2 – Klingende Buchstaben voor cello solo – Madrigal in memoriam Oleg Kagan voor cello solo – Improvisation voor cello solo

Viviane Spanoghe (cello), Jan Michiels (piano)
Et'cetera KTC 1626 • 60' •
Opname: winter 2017, Concertzaal Conservatorium, Brussel

...Viviane Spanoghe en Jan Michiels hebben zich ondergedompeld in Alfred Schnittke en zijn tevoorschijn gekomen met een cd die in alle opzichten een triomf mag heten. Door de chronologische opbouw wordt een panoramisch overzicht geboden van de ontwikkeling van deze compnist. Maar wat veel belangrijker is, er wordt schitterend gemusiceerd. Niet voor niets is Spanoghe een leerling van János Starker. Schnittke vaart er wel bij..... Siebe Riedstra, OpusKlassiek, 12-2018

De toelichting bij deze cd verdient een speciale vermelding. Niet alleen omdat ze in het Nederlands werd geschreven en afgedrukt (met vertalingen naar E/F/D), maar vooral omdat celliste Viviane Spanoghe de geschiedenis van dit repertoire uitstekend uit de doeken doet. Een heel leven doceren aan het Brusselse Conservatorium werpt hier zijn vruchten af, en het is toe te juichen dat deze cd uitkomt onder auspiciën van datzelfde conservatorium. Omdat Spanoghe zo zorgvuldig ingaat op de ontstaansgeschiedenis van de werken ontstaat er een glashelder beeld van de samenhang met de onderscheiden musici die betrokken waren bij het componeren van deze werken.

De Eerste cellosonate droeg Schnittke op aan Natalia Gutman (1942), zelf een leerling van Mstislav Rostropovitsj, en een celliste die mag bogen op een schitterende carrière. Ontroerend om op recente videobeelden van het Luzern Festival Orkest onder Claudio Abbado deze krasse oude dame in de cellogroep te zien meespelen, en hoe! Schnittke droeg niet alleen deze sonate aan haar op, ook het Eerste celloconcert schreef hij voor Gutman. De violist Oleg Kagan (1946-1990) was de echtgenoot van Natalia Gutman. Toen hij op vierenveertigjarige leeftijd overleed aan kanker, schreef Schnittke een Madrigal in Memoriam Oleg Kagan, voor cello solo, en daarmee impliciet geschreven voor Natalia Gutman.

Alexander Ivashkin is een andere cellist (en dirigent, auteur van Schnittke's biografie, en nog veel meer) en was nauw bevriend met de componist. Op zijn veertigste verjaardag kreeg hij als cadeautje een velletje notenpapier met de titel Klingende Buchstaben (klinkende letters). Uit Ivasjkins naam nam Schnittke de letters die associaties hebben met notennamen. Met als toevoeging het prominente interval A-Es – Alfred Schnittke.

De beide overige werken hebben te maken met Ruslands beroemdste cellist, Mstislav Rostropovitsj. Voor het Internationale Rostropovitsj Concours in Parijs schreef Schnittke in 1974 het verplichte werk, met als titel Improvisatie en een tijdsduur van tien minuten. Achter de titel verbergt zich een stuk met een herkenbare opbouw en een vrijgevochten lyrisch karakter. Het aardige is dat het naadloos lijkt over te gaan in de Tweede cellosonate uit 1997, die eveneens is opgdragen aan Rostropovitsj. De Tweede sonate is een van de laatste werken van de doodzieke componist, die driemaal aan de dood ontsnapte na een hartinfarct. Steeds ontwaakte hij uit wekenlange coma's om met hernieuwde creatieve energie verder te strijden. Wonderlijk dat deze sonate in de opnamecatalogus nooit de status heeft bereikt van de eerste, met een handvol registraties tegenover enige tientallen.

Over Schnittke's muziek zegt Viviane Spanoghe het volgende: ‘Het oeuvre van Schnittke laat zeker niet onberoerd. Bij menig luisteraar verwekt zijn muziek een gevoel van verwarring, beklemming, bevreemding en zelfs angst, mede door gebruik van citaten en repetitieve elementen, vergelijkbaar met vage herinneringen, déja-vu ervaringen of obsessionele gedachten en impulsen die als parasieten de fragiele psyche teisteren.'

Alfred Schnittke werd in 1934 geboren in de Wolgarepubliek, destijds een zelfstandig deel van de Sovjet-Unie en een verzamelplaats voor Duitssprekende Joden. In de nasleep van de Tweede Wereldoorlog werd vader Schnittke met de rest van het gezin overgeplaatsts naar het door de Sovjets bezette deel van Wenen. Daar wandelde de puber Alfred rond als in een droom, die hij de rest van zijn leven keer op keer zou herbeleven. De muziekflarden die hij uit openstaande ramen op zich af hoorde komen moeten de kiem hebben gelegd voor zijn latere ‘polystilistische' oeuvre. Hij studeerde in Moskou bij Sjostakovitsj, kreeg bij de apparatsjiks geen poot aan de grond, en moest zich onderhouden met het schrijven van filmmuziek. In 1990 week hij uit en vestigde zich in Hamburg. Ondanks dat alles heeft hij kans gezien om een kolossale hoeveelheid werken na te laten.

Viviane Spanoghe en Jan Michiels hebben zich ondergedompeld in Alfred Schnittke en zijn tevoorschijn gekomen met een cd die in alle opzichten een triomf mag heten. Door de chronologische opbouw wordt een panoramisch overzicht geboden van de ontwikkeling van deze compnist. Maar wat veel belangrijker is, er wordt schitterend gemusiceerd. Niet voor niets is Spanoghe een leerling van János Starker. Schnittke vaart er wel bij.

https://www.opusklassiek.nl/cd-recensies/cd-sr/srschnittke06.htm

Alfred Schnittke: Cellosonaten Nr.1 & 2

Alfred Schnittke: Cellosonaten Nr.1 & 2, Improvisation für Cello solo, Klingende Buchstaben, Madrigal in memoriam Oleg Kagan;

Viviane Spanoghe, Violincello, Jan Michiels, Klavier

1 CD Etcetera KTC 1626; Aufnahmen 2017;

Veröffentlichung 09/2018 (59'15) –

Rezension von Uwe Krusch

...Insbesondere auch in der Improvisation für Cello solo kann die Cellistin mit engagiertem und kompetentem Spiel in die Klangwelt dieses singulären Charakters einführen. Der Pianist unterstützt sie, teilweise auf akzentsetzende Begleitbeiträge begrenzt, einfühlsam... Uwe Krusch, Pizzicato, 2-11-2018

Ab 1973 widmete Schnittke sich nur noch der Komposition. Er wandte sich bald einer polystilistischen Kompositionsweise zu, die auf Ives, Berio und B. A. Zimmermann deutet. 1985 erlitt er seinen ersten Schlaganfall, infolgedessen er kurzzeitig klinisch tot war. Doch das Überleben setzte in ihm nochmals ungeheure Schaffenskräfte frei, so dass mehr als die Hälfte seiner wichtigsten Werke in den dreizehn ihm noch verbleibenden Jahren entstand, in denen ihn noch drei weitere Schlaganfälle in den Jahren 1991 und 1994 immer wieder an der Arbeit hinderten. Die vorgestellten Werke für Cello und Klavier entstanden 1988 und später.

Während Schnittke zumindest in den orchestralen Werken fließende Texturen bevorzugt, die hin und wieder durch atonale Ecken unterbrochen werden, ist seine Cellokammermusik spröder und teilweise geradezu einsilbig. Sie entnimmt ihren Reiz aus dieser Konzentration auf kleine, teilweise perkussive Gestalten. Die Werke sind bis auf eines großen Cellisten, nämlich Alexander Ivashkin, Natalia Gutman und natürlich Mstislav Rostropovich gewidmet, die auch für den Komponisten bei den gegen ihn gerichteten politischen Attacken eintraten. Wie sich schon aus dem Titel ergibt, ist das Madrigal in memoriam Oleg Kagan einem Geiger gewidmet. Das ursprünglich für ihn und sein Instrument komponierte Werk hat in der Cellofassung den gleichen Widmungsträger behalten.

Die beiden belgischen Künstler geben mit dieser Aufnahme zum zwanzigsten Todestag des russischen, aber lange Jahre in Hamburg lebenden und dozierenden Komponisten eine beredte Vorstellung von dessen Schaffen. Insbesondere auch in der Improvisation für Cello solo kann die Cellistin mit engagiertem und kompetentem Spiel in die Klangwelt dieses singulären Charakters einführen. Der Pianist unterstützt sie, teilweise auf akzentsetzende Begleitbeiträge begrenzt, einfühlsam.

In his late years Alfred Schnittke suffered from several strokes, but he had still enough force to create important works. His chamber cello pieces are from this period and have a strong, but reflective character. The Belgian musicians Viviane Spanoghe and Jan Michiels play very well throughout the entire program.

Pizzicato - https://www.pizzicato.lu/schnittke-als-kammermusiker-fur-das-cello/

Alfred Schnittke, Sonates

Alfred Schnittke, Sonates

Viviane Spanoghe et Jan Michiels des interprètes de choix - moyens techniques impressionnants, intelligence du texte, expérience approfondie du répertoire classique comme de la création contemporaine...Le piano puissant et coloré de Michiels apportant le meilleur environnement aux sonorités pures et expressives de sa partenaire que l’on découvre aussi en solo dans trois épigrammes dédiés à des proches de l’auteur. Martine Dumont-Mergaey, Libre Belgique 26-9-2018

Alfred Schnittke (1934-1998): rustpunt van muzikale diversiteit

Schnittke werd geboren in Engels, gelegen in de autonome Wolgarepubliek en had een gemengde joods-christelijke achtergrond. Zijn ouders waren van Duitse afkomst en zelf groeide hij op in Wenen. Zo complex als zijn achtergrond, klinkt ook zijn muziek. Of net niet?

..Spanoghe en Michiels slagen er in om op gecontroleerde maar allesbehalve geforceerde manier de veelzijdigheid van Schnittke als één groot geheel weer te geven, binnen een eigen stijl bestaande uit velen. De celloklanken zijn warm en niet hangerig zoals dat wel eens bij hedendaagse muziek wil gebeuren. De piano wil niet overheersen. Ze begrijpen mekaar. Knopskaya, www.cultuurpakt.be, 23-8-2018

Zen

Celliste Viviane Spanoghe en pianist Jan Michiels bewezen het tegendeel op het album dat onlangs verscheen bij het label Etcetera. De complexiteit van Schnittke zit hem in het verweven van muziek uit heden en verleden samen met de combinatie van stijlen en technieken, tonaliteit en atonaliteit. Zo zijn er supersnelle passages die worden verbonden aan walsen. Zo duiken er soms folkelementen of orthodoxe elementen op. Maar je kan evenzeer plots een Mozartiaanse klank herkennen. Alles is mogelijk, en toch straalt alles één grote gemeenschappelijke noemer uit: rust. Ook wordt er best wel nieuwsgierigheid naar de volgende passage gecreëerd, maar dan enkel wanneer de rust zich niet teveel meester maakt van de luisteraar.

Portret

Het portret dat Spanoghe en Michiels neerzetten is er vooral één van vrijheid en harmonie, gecreëerd vanuit de chaos. Zo was tenslotte ook het leven van de componist zelf. Hij was een man van vele plaatsen en invloeden. Toch gebeurde de beïnvloeding even onopzettelijk en spontaan als zijn muziek klinkt.

Mijn bedoeling was om symfonieën te componeren, desondanks het me duidelijk werd dat dit compleet zinloos is.

Ik schrijf niet over emigratie. Ik wil dat mijn muziek lokaal wordt erkend, hier in dit land. Daarna kunnen we bekijken of de vraag ernaar zich elders ook opdringt.

Alfred Schnittke.

Spanoghe en Michiels slagen er in om op gecontroleerde maar allesbehalve geforceerde manier de veelzijdigheid van Schnittke als één groot geheel weer te geven, binnen een eigen stijl bestaande uit velen. De celloklanken zijn warm en niet hangerig zoals dat wel eens bij hedendaagse muziek wil gebeuren. De piano wil niet overheersen. Ze begrijpen mekaar.

Achtergrond

Viviane Spanoghe verdiept zich uitermate in de beleving van de hedendaagse muziek. Belgische componisten van dit moment werken daarom graag met haar samen. In het boekje dat bij de cd hoort, beschrijft ze iedere compositie in al zijn facetten. Ze geeft de achtergrond van het werk en de achtergrond van diegene aan wie het opgedragen is weer, alsook de technische details. De luisteraar kan bijgevolg nog dieper in het werk duiken.

Een aanrader voor de nieuwsgierige melomaan en leek, en te verkrijgen bij de platenhandel onder KTC1626 – uitgavejaar 2018.

Enescu: Cellosonates op. 26 nr.1-2

Nocturne en Saltarello voor cello en piano

Viviane Spanoghe (cello), André de Groote (piano)

Et'cetera KTC 1512 • 70' •

Opname: eerder verschenen op het label Talent in 2003

...In 2003 verscheen dit programma op het Belgische label Talent, zoals de naam al aangeeft een etalage voor jong aanstormend talent. Inmiddels vormen Viviane Spanoghe en André de Groote een gevestigd duo dat zich al vaker op het label Et'cetera liet horen. De heruitgave lag niet alleen voor de hand, maar is ook volkomen gerechtvaardigd door de kwaliteit van de uitvoeringen Siebe Riedstra, januari 2016 - opusklassiek.nl

full article

George Enescu (1881-1955) was één van de grootste violisten van zijn tijd, een begenadigd pianist en dirigent, een beroemd pedagoog (zijn bekendste leerling is Yehudi Menuhin) en een succesvol componist. Dat succes behaalde hij op zijn twintigste met de Eerste Roemeense Rapsodie, gebaseerd op volksmelodieën en nog steeds een hit. Enescu heeft nooit meer in die stijl geschreven en het is duidelijk dat het publiek hem dat niet in dank heeft afgenomen. Meesterwerken als de opera Oedip of de derde symfonie worden nauwelijks geprogrammeerd.

De beide cellosonates van George Enescu dragen het opusnummer 26. Verwarrend, want de eerste stamt uit 1898, toen de componist 17 jaar was, terwijl hij nummer twee bijna vier decennia later, in 1935 neerschreef. Dezelfde wonderlijke situatie vinden we terug bij de beide strijkkwartetten, opus 22, die dertig jaar na elkaar ontstonden. De Eerste cellosonate is duidelijk geïnspireerd door het classicisme van Saint-Saëns, niet voor niets studeerde de jonge Enescu aan het Parijse Conservatoire. De Tweede cellosonate vertelt het verhaal van de rijpe Enescu, en is ontstaan tussen de derde vioolsonate - zijn kamermuzikale meesterstuk - uit 1926 en de 'Impressions d'enfance' voor viool en piano uit 1940. De sonate dateert uit 1935 en is opgedragen aan Pablo Casals, een goede vriend van de componist.

Nocturne en Saltarello gaat nog verder terug dan de eerste cellosonate, sinds de eerste uitvoering in 1897 duurde het tot 1994 tot de partituur weer boven water kwam. Een knap staaltje van de zestienjarige componist, uiteraard niet verder reikend dan de salon. Dit is de discografische première, waarbij meteen moet worden opgemerkt dat het hier om een heruitgave gaat. In 2003 verscheen dit programma op het Belgische label Talent, zoals de naam al aangeeft een etalage voor jong aanstormend talent. Inmiddels vormen Viviane Spanoghe en André de Groote een gevestigd duo dat zich al vaker op het label Et'cetera liet horen. De heruitgave lag niet alleen voor de hand, maar is ook volkomen gerechtvaardigd door de kwaliteit van de uitvoeringen. Er figureren nog een paar opnamen in de catalogus, op Arte Nova en Naxos (hier besproken), maar die moeten het stellen zonder het extraatje van Nocturne & Saltarello. De Tweede cellosonate is bovendien een onmisbaar stuk repertoire voor muziekliefhebbers en cellisten die de schromelijk onderschatte Enescu een warm hart toedragen.

J. Brahms, Concerti

Trois femmes sont ici les maîtres d’oeuvre : avec tout d’abord la Japonaise Yuzuko Horigome, première lauréate du Reine Elisabeth 1980... avec des sonorités fines et brillantes, une justesse sans faille et une intarissable inspiration. On peut en dire autant de notre compatriote Viviane Spanoghe, sa partenaire dans le Double, op. 102, douceur et rondeur en sus, avec une belle entrée passionnée et un sens chambriste jamais pris en défaut. A la tête de l’excellente Philharmonie Tchèque, l’Américaine Joann Falletta emballe le tout avec des tempos alertes et un extraordinaire sens narratif. MDM, La Libre Belgique, MERGEAY MARTINE - Publié le mardi 29 avril 2014

... this account of the Violin Concerto is animated and agreeable, and that of the Double Concerto quite compelling, one of the very finest. Colin Anderson, Talent Records

There are of course countless recordings of Brahms’s Violin Concerto, set-down for posterity during many decades by some of the greatest virtuosos, and not many fewer of the Double Concerto, itself attracting a galaxy of notable performers.

This Talent release stacks up very well, certainly on its own terms, and also when measured against predecessors, especially the Double Concerto. It’s good to hear the estimable JoAnn Falletta conducting the Czech Philharmonic, in that although she has done some top work with her orchestras in Buffalo and Virginia, and latterly in Ulster and with the LSO, often in new and neglected repertoire that has proved very rewarding, it’s now interesting to hear her in core repertoire with one of the great European ensembles. It’s pleasing to report that in Prague she secures a lively and unanimous response from the famed Czech Philharmonic, the playing full of distinction and character, and proves herself to be a sensitive and dedicated partner while ensuring a very personable unfolding of Brahms’s orchestral writing.

In the Violin Concerto, given a direct and spontaneous outing, the scene is promisingly well set by the imposing introduction. Yuzuko Horigome enters with a feisty spirit and her playing throughout is vividly communicative, although she is rather closely balanced and one would like to hear a little more parity with the Czech Phil, although its detailing is clear and tuttishave warm fullness. Horigome has a clear-sighted course through the first movement and nothing is indulged, although a slightly sweeter-sounding top register would be welcome. Joseph Joachim’s cadenza (not referenced in the booklet) is impressively brought off. A longer gap between the first two movements is needed – to give pause for thought – and if the Adagio arrives too soon, it is initiated by a beguiling oboe solo, the whole endearingly expressive, the performance wrapped up by a fiery finale that keeps its poise.

It’s the Double Concerto (written as an olive branch to Joachim, he and Brahms now estranged) that steals the show, not least through Viviane Spanoghe’s outstanding contribution in terms of timbre and musicianship (albeit on the front cover, as you can see, she and Falletta are presented in smaller lettering!), and slightly overshadowing Horigome, although one senses a real team effort throughout.

I got to know Brahms’s Opus 102 through the recording by Zino Francescatti and Pierre Fournier, with Bruno Walter conducting, a wonderful introduction to this great work, and one that has found few emulators over the years. This one from Prague comes very close and I have returned to it numerous times with admiration and pleasure. Ideally paced, with symphonism and heightened expression perfectly offset across the first movement, Falletta’s rigour and vigour also generously captures Brahms’s humanity to poignant effect; try the orchestra’s passage from 11’08 to 11’30. Unfortunately a smidgen of sound has been cut from the several-second die-away of the first movement’s final chord and, once again, the next movement follows far too soon, but here one is immediately entranced by its intense lyricism and, as throughout, by the superbly characterful Czech woodwinds, not least the inimitably fruity-sounding clarinets. The finale is marvellously vital, with rhythms having a real spring to their step.

I do wish though that the recording venue, however hallowed the Dvořák Hall may be, were less reverberant and ambient, and the orchestra not as distantly placed. Furthermore it sometimes seems like soloist(s) and orchestra are fighting for space, despite there being much of it, with the Philharmonic not so much losing out but hanging on as poor relations, and in the Double Concerto in particular Horigome and Spanoghe can seem too immediate; when textures thin, the orchestral clarity is better, but the fullest passages can seem congested.

Nevertheless, this account of the Violin Concerto is animated and agreeable, and that of the Double Concerto quite compelling, one of the very finest.

Lalo Celloconcerto Talent DOM381011

LALO: Violin Concerto in F Major, Op. 20; Cello Concerto in D Minor;
Piano Concerto in F Minor

Yuzuko Horigome, violin/ Viviane Spanoghe, cello/ Philippe Bianconi, piano/ Orchestre Philharmonique de Nice/ Marco Guidarini

Talent DOM 3810, 78:43 [Distr. by Albany]

...Hormis Philippe Bianconi, les solistes ne sont guère connus en France. Ils sont pourtant d'un niveau exceptionnel...Viviane Spanoghe , disciple de Janos Starker, choisit de ne pas trop se mettre en avant. Orchestre et soliste se respectent mutuellement. MDM, La Libre Belgique, MERGEAY MARTINE - Publié le mardi 29 avril 2014

The D Minor Cello Concerto (1877) opens with a Lento section, mainly an extended cadenza for Ms. Spanoghe’s own suave instrument by Francesco Ruggeri from 1680. Two themes dominate the ensuing Allegro maestoso, one a fanfare, the other a nostalgic song. Some truly lovely dialogues between cello and Mr. Guidarini’s fine orchestra extend the emotional largesse of this sonata-form first movement. John Sunier | Nov 10, 2013 | Classical CD Reviews

The D Minor Cello Concerto (1877) opens with a Lento section, mainly an extended cadenza for Ms. Spanoghe’s own suave instrument by Francesco Ruggeri from 1680. Two themes dominate the ensuing Allegro maestoso, one a fanfare, the other a nostalgic song. Some truly lovely dialogues between cello and Mr. Guidarini’s fine orchestra extend the emotional largesse of this sonata-form first movement. The second movement marks an innovation of a kind: Lalo presents an Intermezzo cast in two affects, an Andantino of some warmth and a light Iberian Allegro presto that converses gaily with the woodwinds. The last movement may seem the most “German,” a rondo that opens Andante and proceeds Allegro vivace. More intriguing is the appearance of a tune Sarasate himself would adapt to one of his own Spanish Dances. The last pages of this rendition quite catch fire, and for many a prospective purchaser, the justification lies in this performance.

full article

SHOSTAKOVICH Cello Sonatas/concertos Talent DOM381012[NB]

...Spanoghe plays the cadenzas in both concertos with total identification and utter abandonment to the music. Many thanks to Talent/Ronald Dom for re-releasing these recordings – music making as it should surely be: powerful, humane and utterly compelling. Classical CD Reviews - February 2010 MusicWeb-International.htm, Nick Barnard

full article

Le bonheur de retrouver le duo Viviane Spanoghe-André De Groote dans les sonates pour violoncelle et piano de Chostakovitch est à la mesure de la qualité de leur interprétation: intense...On admire la beauté du chant profond du Rugeri de 1760 qu'utilise Viviane Spanoghe et le style très pur de cette artiste raffinée; on est séduit par l'accompagnement équilibré d'André De Groote, qui cerne aussi bien les couleurs que l'atmosphère des oeuvres...

...On est heureux de retrouver ces versions remarquables dans un album intelligent qui démontre à quel point la violoncelliste fait preuve d'un jeu engagé, dramatique et lyrique à la fois. Une vraie leçon de style et de ferveur. La revue générale, avril 2010,Jean Lacroix

Nu ligt er niet alleen een prachtig portret van Sjostakovitsj maar ook van de samenwerking van de gepassioneerde celliste Viviane Spanoghe en haar precieze en soms ongenadige pianist André de Groote. Twee uur luisteren met mond open.
Ademloos Jurjen Vis, Klassieke Zaken

...Spanoghe never lets up in intensity, or in beauty of tone.

...this is a highly desirable set. Classical CD Reviews-May 2010 MusicWeb-International.htm, William Kreindler

...Before I spotted the widely spaced recording dates my listening notes had highlighted the unanimity and cogency of cellist Viviane Spanoghe’s approach. So three cheers to her for consistency of her vision.

...Spanoghe is up against stern competition yet she emerges with great distinction.

...Pianist André de Groote is an exceptional partner. Sixteen years separate the recordings of the two sonatas but again continuity is the key.

...The orchestra are superb, full of character and actually rather well recorded.

BACH cello suites SOLAL, Sol002

Equilibre, rondeur, légèreté: Viviane Spanoghe s’approprie les Suites pour violoncelle de Bach avec transparence...Son jeu coule avec une évidence gracieuse, sans hésitation ni à-coups; fluide et propre.On y ressent une grande quiétude, une intuition de la mesure et un sens limpide du phrasé, élégant et doux...Sa vision des Suites nous invite d’ailleurs à l’approcher par cet élan radieux qui transporte un enthousiasme lumineux...La spiritualité ne s’y incarne pas, mais elle vibre et s’envole dans l’atmosphère avec une régularité spontanée et rassurante. Isabelle Françaix , Crescendo été 2007

...Spanoghe's performances will appeal to listeners for whom less is more... James Leonard, Rovi

full article

...Ernst und vielzeitig ***** ´Organisch´, ´subjektiv´,´hingebungsvoll´ sind die ersten Attribute, die beim Anhören der Einspielung der Bachschen Cello-Suiten von Viviane Spanoghe in den Sinn kommen...Ihre Besteigung dieses Gipfels der Celloliteratur hat dennoch eine ganz eigene Gewichtung und Ausrichtung...Trotz einer Vielzahl epochaler Konkurrenzeinspielungen füllt diese eine klare eigene Nische und stellt bei aller Uberversorgung in dem Repertoire eine Bereicherung dar. ejh, Pizzicato, 2/2007

...op een persoonlijke manier, toch, zeker, maar niet "manipulerend".
op een gevoelige manier, maar niet overromantiserend. met oog en oor van wat de barokmusici de laatste decennia hebben toegevoegd aan kennis, maar overtuigd dat haar eigen instrument net zo goed een middel is dat Bach kan laten zingen.

Terecht natuurlijk. Spanoghe speelt met een mooie ronde sonoriteit, laat de polyfonie in de langzame delen warm doorklinken,gaat lichtvoetig om met snellere dansen, verliest zich niet in frivole versieringen , maar blijft gedistingueerd, bezonnen ook, want de slotindruk is dat haar Bach veeleer verheven klinkt dan aards. Dat is een van de mogelijke benaderingen van Bach, en binnen die opvatting uitmuntend gerealiseerd. Karel Nijs, Klara, "Orlando", februari 2007

Sous les doigts de Viviane Spanoghe et son jeu très structuré d´une sensibilité souple et gracile, l´écoute de ces suites est un bonheur constant. A signaler la très belle prise de son. Ph.D. pour Codaex France, Nov. 2006

Une version très personnelle et marquée par l´évidence. On y retrouve les immenses qualités de la musicienne: sonorité ronde et lumineuse, justesse parfaite , phrasé délié, sensibilité à fleur de peau mais avec la juste distance... MDM, Libre Belgique, 2-11-2006

CD Telemann Et´cetera KTC 1281

Twelve fantasies, Sonata in D major

Performer(s): Viviane Spanoghe

Released: 2005

Catalog Number: ET'CETERA - KTC 1281

Label: Et'cetera records

...son jeu: précis, dépouillé de tout artifice, privilégie la clarté du discours et l´expression juste des caractères sans ajouter d´inutiles effets de manche. Très concernée, elle évite l´emphase au profit d´une certaine simplicité de ton, cultive les contrastes et les affirme sans trop les appuyer...la belle sonate en ré majeur pour viole de gambe... se voit réserver le même soin, traitée avec pudeur et beaucoup de distinction Alain Derouane, Crescendo 19-9-2005

...aussi á l´aise dans le style miniaturisé et galant des Fantaisies que dans l´étourdissante diversité de la sonate, Viviane Spanoghe donne ici la pleine mesure de son talent : sensibilité, style et verve rhétorique sont portés par une totale maîtrise (et un superbe Rugeri de 1670...). Martine Dumont-Mergeay, La Libre Belgique 03-08-2005

...finale of Beethoven's Symphony No. 9...in this little piece, which apes expressiveness rather than embodying it, Spanoghe shines James Manheim

full article

Armenian Piano Trios Et´cetera KTC 1262 : Chilingirian, De Groote, Spanoghe

Arno Babadjanian: piano trio (1952) - Tigran Mansurian: Five Bagatelles for piano trio (1985) - Gayaneh Tchebodarian: piano trio (1945) - Krikor Hakhinian: piano trio (1964)

Performer(s): Levon Chilingirian (violin), Viviane Spanoghe (cello), André De Groote (piano)

Released: 2003

Catalog Number: Et´cetera, KTC 1262

...wil ik de cd zeer aanbevelen. Hij is niet alleen interessant, maar ook bijzonder mooi, en de uitvoeringen zijn voortreffelijk Basia Jaworski, Klassieke Zaken

...Die grosse klagende Geste und kompromisslose Intensität , die diese Stücke fordern, wird vom Geiger Levon Chilingirian und seinen zwei belgischen Partnern überzeugend vermittelt. Die Balance...ist tadellos. ...bleiben die Musiker stets Herr der Lage und erweisen sich als souveräne Gestalter, die die ihnen anvertrauten Kompositionen in bestem Licht erscheinen lassen Ma Brö, Pizzicato 06-2004

...Indeed, all three artists play these unfairly neglected scores with a passion, insight and command that suggests far greater familiarity with them than can surely have been the case.

...Opvallend aan de drie musici is hun grote en onopvallende inzet. Dat zij sommige trio´s zowat beter maken dan ze zijn, smaakt naar meer. E.O. Luister April 2004

...La clarté et l´élégance du jeu des interprètes sont remarquables...un disque très agréable. Stéphane Friederich, Classica-Répertoire Mars 2004

Vlaams voor cello - Contemporary Flemish music for cello (NAXOS 8.557254)

Franklin Gyselynck, Jan Van Landeghem, August Verbesselt, Marc Matthys, Frederik Van Rossum, Jean Gyselynck, Gaby Spanoghe

Performer(s): Viviane Spanoghe (cello), André De Groote (piano)

Released: April 2003

Catalog Number: NAXOS 8.557254

Met geëngageerde uitvoeringen en technisch hoogstaand spel doen celliste Viviane Spanoghe en pianist André De Groote de diversiteit van de Vlaamse muziek alle eer aan. De cd begint met het knapste werk, de cellosolo For a better World I van Franklin Gyselinck, die Spanoghe groots vertolkt, met rake kleurschakeringen en veel reliëf. mb, De Standaard 17-05-2003

George Enescu, cellosonates, TALENT 291079

Sonatas op. 26 n° 1 & 2, Nocturne & Saltarello for cello & piano

Performer(s): Viviane Spanoghe (cello), André De Groote (piano)

Released: 2002

Catalog Number: TALENT 2910 79

CD van de week : Viviane Spanoghe is hier een meesterlijke celliste die speelt met veel raffinement en autoriteit, maar ook met veel gevoel. Muziek en woord Juni 2002

COn saura donc gré aux Belges Viviane Spanoghe et André De Groote de les avoir rassemblées ici... Défendues avec sensibilité et compétence, ces pièces méritaient de retrouver leur place dans la mosaïque du XXe siècle... La Libre Belgique N.B. 22-05-2002

Crescendo, n°60, 2002 (Sonates d´Enesco)

Sonatas op. 26 n° 1 & 2, Nocturne & Saltarello for cello & piano

Performer(s): Viviane Spanoghe (cello), André De Groote (piano)

Released: 2002

Catalog Number: TALENT 2910 79

Interprétation remarquable de deux solistes belges de première grandeur. Bruno Peeters June 2002

Charles Camilleri, 6 Arabesques for cello solo, Talent DOM n°2910 64

6 Arabesques for cello solo

Performer(s): Viviane Spanoghe

Released: 2000

Catalog Number: TALENT 2910 64

For her part, belgian cellist Viviane Spanoghe - the dedicatee of these works - shows a strong empathy for the style and brings a convincing range of articulation and dynamic colour to proceedings. Joanne Talbot, The Strad October 2000

Godfried Devreese, celloconcertino, Marco Polo 8.22368

Tombelène, cello concertino

Performer(s): Guide de Neve (violin), Viviane Spanoghe (cello), BRT Philharmonic Orchestra, Frédéric Devreese, conductor

Released:: 1993

Catalog Number: NAXOS 8.553605

With rich, burnished tone and expressive, nuanced playing, Viviane Spanoghe is outstanding. Benjamin Pernick, Fanfare May-June 1994